Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 augustus 2002
Alinea 37 Parket bij de Hoge Raad 9 augustus 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 augustus 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE2146.
13) Daarom meen ik dat onderdeel A van het middel niet opgaat. De omstandigheden die in deze zaak als vaststaand kunnen gelden brengen niet mee dat in cassatie kan worden vastgesteld dat het aan [verweerder] c.s. toegestane gebruik van het eiland voor het houden van pluimvee en schapen geen onmiddellijk verband houdt met het doen hebben van het gebruik van het gehuurde. Zoals aanstonds in alinea's 19 e.v. nader te bespreken, ligt eerder voor de hand om het tegendeel aan te nemen, en om er dus van uit te gaan dat een dergelijk gebruiksrecht (of "gedoogd" gebruik) wèl het vereiste onmiddellijke verband heeft met het krachtens de huurovereenkomst verschuldigde genot van de verhuurde zaak. Weging van de omstandigheden die daarover uiteindelijk uitsluitsel moeten geven, is echter niet van dien aard dat die in cassatie kan plaatshebben.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7bddf63d11be03129018ab87477fc968fd30dd7439b0c41205fee6c85db7e66e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7bddf63d11be03129018ab87477fc968fd30dd7439b0c41205fee6c85db7e66e, en de alinea staat in dat document op bytes 15310 tot 16166.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/7bddf63d11be03129018ab87477fc968fd30dd7439b0c41205fee6c85db7e66e | shasum -a 256