Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 september 2002

Alinea 206 Parket bij de Hoge Raad 20 september 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 september 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE2149.

12.8 Onderdeel 4 stelt op indringende wijze de principiële vraag aan de orde of personen die zich in het geheel niet van hun situatie bewust zijn aanspraak kunnen doen gelden op smartengeld. Het onderdeel faalt m.i. op de onder 5 - 11 ontwikkelde gronden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/88f3fc11f09cc0c009a567c83c2eaf2cbfec226e421d4399ba380ba48b8b5207. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 88f3fc11f09cc0c009a567c83c2eaf2cbfec226e421d4399ba380ba48b8b5207, en de alinea staat in dat document op bytes 58608 tot 58878.