Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 september 2002
Alinea 209 Parket bij de Hoge Raad 20 september 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 september 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE2149.
12.11 Op het gevaar af van - gezien het uiterst trieste karakter van deze zaak uiteraard misplaatste - retoriek te worden beschuldigd, veroorloof ik mij de opmerking dat men met evenveel recht kan verdedigen dat juist toekenning van smartengeld haaks staat op de menselijke waardigheid. De patiënt loopt dan de kans voorwerp te worden van commercialisering van personen wier gedachten in de eerste plaats uitgaan naar (de hoop op) aanzienlijk geldelijk gewin. Daarop voortbordurend moet zelfs rekening worden gehouden met het onnodig rekken van uitzichtloos lijden opdat de smartengeld teller doorloopt.(91)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/88f3fc11f09cc0c009a567c83c2eaf2cbfec226e421d4399ba380ba48b8b5207. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 88f3fc11f09cc0c009a567c83c2eaf2cbfec226e421d4399ba380ba48b8b5207, en de alinea staat in dat document op bytes 59450 tot 60071.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/88f3fc11f09cc0c009a567c83c2eaf2cbfec226e421d4399ba380ba48b8b5207 | shasum -a 256