Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 augustus 2002
Alinea 56 Parket bij de Hoge Raad 9 augustus 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 augustus 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE2176.
2.9. Subonderdeel 1.6 bevat een subsidiair argument: uit rov. 15 blijkt niet dat het hof onder ogen heeft gezien dat áls eisers al vast zaten aan [C] BV, zij op 9 maart 1989 door het faillissement van [C] BV de vrijheid zouden hebben herkregen om de percelen aan een derde te verkopen. Deze klacht is m.i. een ontoelaatbaar novum in cassatie. In feitelijke instanties hebben eisers dit argument niet aangevoerd; op een niet aangevoerd argument behoefde het hof niet te reageren(15).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7b033ca2e8b1937717919ebb1aa01fea608e809b1cb752df7c4e4dce806e13b6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7b033ca2e8b1937717919ebb1aa01fea608e809b1cb752df7c4e4dce806e13b6, en de alinea staat in dat document op bytes 27211 tot 27708.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/7b033ca2e8b1937717919ebb1aa01fea608e809b1cb752df7c4e4dce806e13b6 | shasum -a 256