Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2002
Alinea 58 Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE2178.
2.3 In rechtsoverweging 5.4 heeft het hof, naar het middel stelt: terecht, de regel van het arrest van de Hoge Raad van 18 februari 2000, NJ 2000, 295 m.nt. Ma(5) voorop gesteld. In dat arrest heeft de Hoge Raad geoordeeld dat als een bestuurder wordt verweten te hebben bewerkstelligd of toegelaten dat de door hem bestuurde vennootschap een eerder door haar aangegane overeenkomst niet nakomt en daardoor aan de wederpartij van de vennootschap schade berokkent, sprake kan zijn van persoonlijke aansprakelijkheid van de bestuurder op grond van onrechtmatig handelen (vgl. HR 31 januari 1958, NJ 1958, 251), maar dat het van de concrete omstandigheden van het geval afhangt of het aan de bestuurder te maken verwijt voldoende ernstig is om hem persoonlijk aansprakelijk te houden
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a90e60b947cd4a6da8b03c1f63be7fcc0d71dba9dcfa58aa101e98c941e105d0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a90e60b947cd4a6da8b03c1f63be7fcc0d71dba9dcfa58aa101e98c941e105d0, en de alinea staat in dat document op bytes 12293 tot 13086.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a90e60b947cd4a6da8b03c1f63be7fcc0d71dba9dcfa58aa101e98c941e105d0 | shasum -a 256