Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2002

Alinea 62 Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE2178.

2.7 Daarmee heeft het hof kennelijk geoordeeld dat de door [eiser] bewerkstelligde wanprestatie van de vennootschap jegens IDM, in het licht van het feit dat de vennootschap naar een faillissement afgleed en [eiser] dat als enig aandeelhouder en bestuurder op het moment van de door hem gestelde verkoop van de Jeep moet hebben geweten, een dusdanig ernstig verwijt oplevert aan het adres van [eiser], dat hij persoonlijk aansprakelijk moet worden gehouden voor de door het handelen van de vennootschap bij IDM veroorzaakte schade. Dat [eiser] een persoonlijk verwijt kan worden gemaakt van de verkoop van de Jeep aan zijn echtgenote en daarmee het onttrekken van de Jeep aan het stil pandrecht van IDM wordt door het hof nog gemotiveerd met het vaststaande feit dat [eiser] als directeur van de vennootschap de overeenkomst heeft ondertekend en aldus wist dat er een stil pandrecht op de Jeep rustte.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a90e60b947cd4a6da8b03c1f63be7fcc0d71dba9dcfa58aa101e98c941e105d0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a90e60b947cd4a6da8b03c1f63be7fcc0d71dba9dcfa58aa101e98c941e105d0, en de alinea staat in dat document op bytes 14454 tot 15369.