Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 mei 2002
Alinea 40 Parket bij de Hoge Raad 3 mei 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 mei 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE2181.
Dezelfde strekking wordt genoemd in de parlementaire geschiedenis tot art. 7: 680a BW, te weten het voorkomen van de onwenselijke situatie waarin een loonvordering onbeperkt kan oplopen zonder dat met de omstandigheden van het geval rekening kan worden gehouden. "De bevoegdheid tot matiging, aldus de memorie van toelichting, strekt er alleen toe een onaanvaardbaar nevenresultaat van de vernietigbaarheid van een opzegging te vermijden."(15).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a8f87b9bfc4b56a463403fdfba5cdbc7b43596b877b32f9cf9fda81a59e43675. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a8f87b9bfc4b56a463403fdfba5cdbc7b43596b877b32f9cf9fda81a59e43675, en de alinea staat in dat document op bytes 14204 tot 14661.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a8f87b9bfc4b56a463403fdfba5cdbc7b43596b877b32f9cf9fda81a59e43675 | shasum -a 256