Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 augustus 2002

Alinea 18 Parket bij de Hoge Raad 9 augustus 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 augustus 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE2183.

1.5. Bij tussenvonnis van 6 september 1999 (rov. 3.3) heeft de kantonrechter vastgesteld dat de toepasselijke c.a.o in art. F-23 bepaalt dat de werkgever de vakantieregeling moet hanteren zoals neergelegd in de wet- en regelgeving van de overheid. Ter vermijding van vergissingen merk ik reeds thans op dat de formulering verbetering behoeft. De toepasselijke c.a.o. was de C.a.o. BVE 1998-1999. Art. F-12 daarvan stelt de vakantie voor het gehele personeel op zeven weken per jaar. Art. F-13 bevat evenwel een uitzondering voor het onderwijsgevend personeel: "In afwijking van het gestelde in artikel F-12 wordt de op 31 juli 1996 op de instelling bestaande vakantieregeling gehandhaafd onder de conditie dat de normjaartaak wordt gerealiseerd."(7) Met "de bestaande vakantieregeling" werd bedoeld de regeling zoals vermeld in art. F-23 van de Cao BVE 1994-1995: "De werkgever hanteert gedurende de looptijd van de Cao BVE de vigerende vakantieregelingen zoals neergelegd in overheidswet- en regelgeving"(8). De kantonrechter stelde vast dat partijen het erover eens zijn dat deze verwijzing leidt naar art. I-C2 RpbO.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ea12b7b3eda5a611e20d719e9c3afb6621ed4a78ed8c99369a0112e91bdf89cf. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ea12b7b3eda5a611e20d719e9c3afb6621ed4a78ed8c99369a0112e91bdf89cf, en de alinea staat in dat document op bytes 7526 tot 8659.