Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 mei 2002

Alinea 31 Parket bij de Hoge Raad 3 mei 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 mei 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE2245.

8. Kort samengevat heeft belanghebbende voor het Hof aangevoerd dat bij de inbreng van de onderneming alleen daarom geen rekening is gehouden met goodwill, omdat B B.V. en zij veronderstelden dat zij een fiscale eenheid vormden. Achteraf is gebleken dat deze veronderstelling onjuist was. Om die reden dient de inbreng alsnog te worden getoetst aan het arm's length beginsel, aldus belanghebbende voor het Hof.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fdc163e7d0ec457bc7e84261951528af01c1e246bc59860378a6652a73dd8c7a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fdc163e7d0ec457bc7e84261951528af01c1e246bc59860378a6652a73dd8c7a, en de alinea staat in dat document op bytes 11369 tot 11793.