Citaat | Parket bij de Hoge Raad 31 mei 2002

Alinea 42 Parket bij de Hoge Raad 31 mei 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 31 mei 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE2376.

2.7 De rechtbank heeft in verband met deze onduidelijkheden geoordeeld, dat het vervallen artikel 5 van de Uitvoeringsregeling salariëring buiten beschouwing moet worden gelaten. Ik acht die benadering juist. De Heel behoort verweerders in cassatie niet met succes een vervallen artikel van een Uitvoeringsregeling te kunnen tegenwerpen dat, via een niet in duidelijkheid uitblinkende toelichting, tóch op de rechtsverhouding tussen partijen van toepassing blijkt te zijn. Een andere opvatting zou mijns inziens onaanvaardbaar afbreuk doen aan de rechtszekerheid, c.q. de bescherming van derden die bij de totstandkoming van de CAO geen partij zijn geweest. Deze belangen stonden de Hoge Raad klaarblijkelijk voor ogen toen hij besliste dat voor de uitleg van een CAO in beginsel de bewoordingen daarvan van beslissende betekenis zijn, gelezen in het licht van de gehele tekst van die overeenkomst.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f1abdf8a55779bbc9962b1c0a34db4b0e66af84201faecbb1040fcf8d37fc9f4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f1abdf8a55779bbc9962b1c0a34db4b0e66af84201faecbb1040fcf8d37fc9f4, en de alinea staat in dat document op bytes 17116 tot 18029.