Citaat | Parket bij de Hoge Raad 31 mei 2002
Alinea 61 Parket bij de Hoge Raad 31 mei 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 31 mei 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE2376.
2.18 In het licht van deze rechtspraak meen ik dat de wijze waarop de overgang naar de CAO-Z heeft plaatsgevonden gedurende de periode van algemeen verbindendverklaring, na afloop van die algemeen verbindendverklaring niet meer gewijzigd kan worden. De inschaling is immers, nadat zij eenmaal heeft plaatsgevonden, een voldongen feit waardoor de rechtspositie van partijen tegenover elkaar wordt bepaald. Het Sociaal Statuut, waarop De Heel volgens de klacht zou willen terugvallen, is daarentegen naar haar aard slechts gericht op de overgangssituatie, die inmiddels met inachtneming van de CAO-Z zijn invulling heeft gekregen. Voor toepassing van het Sociaal Statuut op een later moment dan op het overgangsmoment zelf, is geen plaats. De tegen rov. 5.7 gerichte klacht faalt daarom naar mijn mening.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f1abdf8a55779bbc9962b1c0a34db4b0e66af84201faecbb1040fcf8d37fc9f4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f1abdf8a55779bbc9962b1c0a34db4b0e66af84201faecbb1040fcf8d37fc9f4, en de alinea staat in dat document op bytes 27872 tot 28687.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f1abdf8a55779bbc9962b1c0a34db4b0e66af84201faecbb1040fcf8d37fc9f4 | shasum -a 256