Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 augustus 2002

Alinea 81 Parket bij de Hoge Raad 9 augustus 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 augustus 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE2380.

10 Anders Van Dunné, Verbintenissenrecht 2, 2001, blz. 114-121 die, als ik hem goed begrijp, van mening is dat de Hoge Raad in zijn arrest is opgeschoven in de richting van het risicobeginsel (of dit zelfs tot op zekere hoogte heeft aanvaard?), anders dan de Raad deed in de zaak HR 9 oktober 1998, NJ 1999, 581 (Hartman/Bakker). Op blz. 125 noemt Van Dunné het arrest Nacap/Kurstjens dan ook "het 'goede' arrest van het duo uit 1998". En op blz. 123 introduceert hij het hierna te bespreken arrest Kuijpers/Wijnveen onder het kopje: "De nieuwe vertegenwoordigingsleer verder aanvaard (...)", daarmee implicerend dat die nieuwe leer - tot op zekere hoogte? - al eerder was aanvaard in Nacap/Kurstjens.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ee31a4b4cf843fdf62a63731c99683eb524d2831a11d93c67411a436d551104e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ee31a4b4cf843fdf62a63731c99683eb524d2831a11d93c67411a436d551104e, en de alinea staat in dat document op bytes 36573 tot 37290.