Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 juni 2002

Alinea 64 Parket bij de Hoge Raad 28 juni 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 juni 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE2383.

2.18 De gedachtegang van het hof kan als volgt worden samengevat. Aan het Eilandgebied kunnen vertragingen in de nakoming die veroorzaakt zijn doordat zij voor de tijdige nakoming afhankelijk was van derden, niet worden toegerekend (rov. 4.7, in cassatie niet bestreden). De uitvoering van het strand, de breakwaters en de pieren was afhankelijk van KABNA-financiering, terwijl het KABNA daartoe als eis stelde dat vóór het begin van de werkzaamheden een beheersovereenkomst ten aanzien van strand en pieren gesloten zou worden tussen het Eilandgebied, Van der Valk en Seaquarium(11) (rov. 4.10, in cassatie niet bestreden). Vervolgens overwoog het hof in rov. 4.12:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fdb176fbb9fedfd8c59c7b5562134c4eab38373221791b3817e1a5de745d83f5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fdb176fbb9fedfd8c59c7b5562134c4eab38373221791b3817e1a5de745d83f5, en de alinea staat in dat document op bytes 27104 tot 27785.