Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 juni 2002

Alinea 76 Parket bij de Hoge Raad 28 juni 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 juni 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE2383.

2.26 De rechtsklacht kan geen doel treffen. Op zichzelf dient de daardoor verdedigde rechtsregel ook als regel van het toepasselijke oude Antilliaanse recht te worden aanvaard op dezelfde gronden waarop de Hoge Raad haar in 1978(14) in het vroeger in Nederland geldende recht heeft binnengehaald. Daarbij is mede in aanmerking te nemen dat de Hoge Raad daarmee naar algemene opvatting anticipeerde op de invoering van het Nieuw BW, dat in de artikelen 6:262-264 een regeling kende van opschortingsrechten bij een wederkerige overeenkomst, terwijl het gemeenschappelijk hof blijkbaar heeft geanticipeerd op de invoering van het Antilliaanse Nieuw BW per 15 januari 2001, dat in dezelfde nummers een identieke regeling bevat.(15) Maar uit niets in het bestreden arrest blijkt of valt af te leiden dat het gemeenschappelijk hof deze regeling heeft miskend: het hof heeft geoordeeld dat het gehele pakket aan verplichtingen van Van der Valk, met inbegrip van haar door het hof aangenomen verplichting om op het Cornelisbaaiterrein toeristische projecten te ontwikkelen, staat tegenover de verplichtingen die voor het Eilandgebied uit de vaststellingsovereen-komst voortvloeien.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fdb176fbb9fedfd8c59c7b5562134c4eab38373221791b3817e1a5de745d83f5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fdb176fbb9fedfd8c59c7b5562134c4eab38373221791b3817e1a5de745d83f5, en de alinea staat in dat document op bytes 35346 tot 36532.