Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 juni 2002
Alinea 94 Parket bij de Hoge Raad 28 juni 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 juni 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE2383.
2.35 De enkele omstandigheid dat de onzekerheidsexceptie niet uitdrukkelijk in het oude Antilliaanse BW was geregeld, brengt nog niet mee dat deze naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid, die besloten liggen in de krachtens artikel 1355 lid 3 oud Antilliaans BW tussen partijen in acht te nemen goede trouw, in de rechtspraak geen erkenning mag krijgen. Of dat ook behoort te geschieden is afhankelijk van het gewicht van de redelijkheidsargumenten die voor erkenning van deze exceptie pleiten, de inhoud van het nieuwe Antilliaans BW en - krachtens het concordantiebeginsel - van het in Nederland geldende recht, terwijl tevens aandacht valt te besteden aan de internationale opvattingen dienaangaande.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fdb176fbb9fedfd8c59c7b5562134c4eab38373221791b3817e1a5de745d83f5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fdb176fbb9fedfd8c59c7b5562134c4eab38373221791b3817e1a5de745d83f5, en de alinea staat in dat document op bytes 44398 tot 45122.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fdb176fbb9fedfd8c59c7b5562134c4eab38373221791b3817e1a5de745d83f5 | shasum -a 256