Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 september 2002

Alinea 54 Parket bij de Hoge Raad 13 september 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 september 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE2386.

De hier bestreden overwegingen van het hof laten misschien ruimte voor een andere lezing; maar ik begrijp die overwegingen zo, dat aan [eiseres]' beroep op het arrest van 8 mei 1992, NJ 1992, 497 voorbij wordt gegaan omdat, volgens het hof, anders dan in de zaak die in dat arrest aan de orde was, in de onderhavige zaak wèl uit de akte van appel met voldoende duidelijkheid kon worden opgemaakt welke personen als geïntimeerden in het hoger beroep werden betrokken (en naar het oordeel van het hof voor dat geval de in dit arrest geformuleerde regel niet opgaat).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/deaa7c363450f77a7be805beefe4d5d152f0d132acddfcde3204ae45870e2851. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt deaa7c363450f77a7be805beefe4d5d152f0d132acddfcde3204ae45870e2851, en de alinea staat in dat document op bytes 32958 tot 33538.