Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 juli 2002
Alinea 25 Parket bij de Hoge Raad 2 juli 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 juli 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE2642.
9. Uit de overwegingen van het hof blijkt dat het hof bij de oplegging van de last tot ter beschikkingstelling niet alleen rekening heeft gehouden met het rapport van het Pieter Baan Centrum. Het hof heeft mede gekeken naar de ernst van de strafbare feiten waarvoor verzoeker veroordeeld is - waarbij het hof heeft overwogen dat verzoeker in ernstige mate inbreuk heeft gemaakt op de lichamelijke en geestelijke integriteit van de zeer jonge kinderen - en naar zijn strafrechtelijk verleden. Daarbij heeft het hof tevens overwogen dat de veiligheid van anderen de oplegging van de maatregel eist. Hieruit volgt dat het hof de juiste maatstaf heeft gehanteerd en geen blijk heeft gegeven van een onjuiste rechtsopvatting. Het oordeel acht ik verder niet onbegrijpelijk. Het middel, dat de kans op recidive verwart met het gevaar dat een verdachte voor zijn omgeving vormt (zie Van Zeijst in Handboek Strafzaken [53] 3.4.c), faalt derhalve.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e671f6ccccc5920c8b93b382339e64352803c1548c0697d0ae2da987e915cf1d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e671f6ccccc5920c8b93b382339e64352803c1548c0697d0ae2da987e915cf1d, en de alinea staat in dat document op bytes 10643 tot 11594.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e671f6ccccc5920c8b93b382339e64352803c1548c0697d0ae2da987e915cf1d | shasum -a 256