Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 juli 2002

Alinea 43 Parket bij de Hoge Raad 2 juli 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 juli 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE2642.

21. Onder de in art. 237 Rv bedoelde kosten vallen: griffierechten, deurwaarderskosten, salaris en voorschotten van de advocaat en procureurs, de getuigentaxen en de deskundigensalarissen. Verder worden alleen noodzakelijke reis- en verblijfkosten vergoed. Dat is het geval wanneer wordt uitgegaan van een persoonlijke verschijning van de procespartij. De kosten van werkverzuim (loonverlet en dergelijke) kunnen niet worden toegekend (Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, losbladige editie, art. 57a (oud), aant. 1). Wanneer er met een gemachtigde wordt geprocedeerd, zullen verletkosten doorgaans niet 'noodzakelijk' zijn (Kamerstukken II 1988-1989, 19976, nr. 10, p. 9).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e671f6ccccc5920c8b93b382339e64352803c1548c0697d0ae2da987e915cf1d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e671f6ccccc5920c8b93b382339e64352803c1548c0697d0ae2da987e915cf1d, en de alinea staat in dat document op bytes 17518 tot 18208.