Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 juli 2002
Alinea 22 Parket bij de Hoge Raad 9 juli 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 juli 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE2761.
7. In het middel wordt betoogd dat de art. 269 Sv en 6 EVRM zijn geschonden, nu het Hof niet op begrijpelijke en toereikende wijze de omstandigheden heeft genoemd die zwaarder kunnen wegen dan het in deze bepalingen onderstreepte 'eminente belang' dat de behandeling van een strafzaak ter openbare terechtzitting plaatsvindt. Naar het inzicht van de steller van het middel kunnen de door het Hof genoemde redenen - de visie van [...] en het standpunt van [betrokkene 1] - niet de in art. 269 Sv bedoelde gewichtige redenen opleveren.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/00cc1bcb48ac9d21dea9a758f7f5aec82c4585284c94e0f6ebe0c10cc8eb38a2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 00cc1bcb48ac9d21dea9a758f7f5aec82c4585284c94e0f6ebe0c10cc8eb38a2, en de alinea staat in dat document op bytes 10540 tot 11086.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/00cc1bcb48ac9d21dea9a758f7f5aec82c4585284c94e0f6ebe0c10cc8eb38a2 | shasum -a 256