Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 november 2002
Alinea 39 Parket bij de Hoge Raad 22 november 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 november 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE3264.
3.2 Uit deze passage volgt dat de verliesvaststellingsbeschikking ex art. 20a, eerste lid, (oud) Wet Vpb. 1969 in de eerste plaats een rechtszekerheidsfunctie heeft. De omvang van het uit een bepaald belastingjaar stammend, verrekenbaar verlies wordt immers reeds bij de (afwikkeling van de) belastingheffing over dat jaar in een voor bezwaar vatbare beschikking vastgelegd. Voor de beslechting van geschillen over de omvang van de verrekenbare verliezen behoeft de justitiabele derhalve niet tot het (mogelijkerwijs ver in de toekomst liggende) jaar van verrekening te wachten. De verliesvaststellingsbeschikking heeft echter niet enkel de hiervoor omschreven rechtszekerheidsfunctie. Zonder een dergelijke beschikking is een uit een zeker jaar stammend verlies namelijk niet verrekenbaar.(21) Een formele beschikking is derhalve een conditio sine qua non voor verliesverrekening in een eerder of later belastingjaar.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5dabc98ff9f9f81eb9b3d83f0707cf440c5f56dd3ba1c7599b7e2af1991cbf7f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5dabc98ff9f9f81eb9b3d83f0707cf440c5f56dd3ba1c7599b7e2af1991cbf7f, en de alinea staat in dat document op bytes 22412 tot 23343.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5dabc98ff9f9f81eb9b3d83f0707cf440c5f56dd3ba1c7599b7e2af1991cbf7f | shasum -a 256