Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 november 2002
Alinea 52 Parket bij de Hoge Raad 22 november 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 november 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE3264.
4.1 De wetgever is bij de vormgeving van (de toelichting op) de verliesvaststellingsbeschikking vermoedelijk uitgegaan van een jaar waarin het belastbaar bedrag negatief was, hetgeen in het kader van verliesvaststellingsbeschikkingen voor de hand liggend is. Het ambtshalve vaststellen van een aanslag is alsdan niet aan de orde, gelet op het reeds behandelde art. 25a Wet Vpb. 1969. Het is de vraag of in dergelijke gevallen evenmin een verliesvaststellingsbeschikking kan of dient te worden afgegeven. Redenerend vanuit een belastingjaar waarin daadwerkelijk een verlies is geleden, terwijl de belastingplichtige geen aangifte heeft gedaan, ligt het derhalve voor de hand dat het verlies niet ambtshalve bij voor bezwaar vatbare beschikking wordt vastgesteld. Vanuit deze gedachtegang, die de wetgever vermoedelijk heeft gehad, sporen wettekst, wetsgeschiedenis en het besluit van de staatssecretaris inzake de verliesvaststellingsbeschikking wel degelijk met elkaar.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5dabc98ff9f9f81eb9b3d83f0707cf440c5f56dd3ba1c7599b7e2af1991cbf7f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5dabc98ff9f9f81eb9b3d83f0707cf440c5f56dd3ba1c7599b7e2af1991cbf7f, en de alinea staat in dat document op bytes 27735 tot 28718.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5dabc98ff9f9f81eb9b3d83f0707cf440c5f56dd3ba1c7599b7e2af1991cbf7f | shasum -a 256