Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 oktober 2002
Alinea 117 Parket bij de Hoge Raad 18 oktober 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 oktober 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE3269.
dwingt mijns inziens tot de conclusie dat "de omstandigheid dat vaststaat of zo goed als zeker is dat bepaalde schulden niet of niet volledig zullen worden voldaan" een voordeel inhoudt dat tot de winst in de zin van art. 7 Wet IB 1964 behoort. U overweegt immers dat goed koopmansgebruik dwingt tot het nemen van winst terzake van die omstandigheid (hierna: "vrijvalwinst"), en goed koopmansgebruik heeft slechts als functie de totale winst in jaarmoten te verdelen. Ik benadruk daarbij dat U niet spreekt in de negatieve vorm ("niet eerder dan") doch in de positieve vorm ("pas"). Dit impliceert dat het voordeel in ieder geval belastbaar is. Ik merk daarbij op dat - nu de vrijvalwinst een element van de totale winst vormt - de vrijgevallen schulden op de slotbalans op het afgewaardeerde bedrag zullen worden vermeld, en derhalve niet op de waarde in het economische verkeer, die in beginsel gelijk is aan de nominale waarde.(9)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3c0ca2e6ee8d383ecf47c74d709da96ad7e3a8a764e0300d89dd119dfa89e884. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3c0ca2e6ee8d383ecf47c74d709da96ad7e3a8a764e0300d89dd119dfa89e884, en de alinea staat in dat document op bytes 44212 tot 45159.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3c0ca2e6ee8d383ecf47c74d709da96ad7e3a8a764e0300d89dd119dfa89e884 | shasum -a 256