Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 oktober 2002

Alinea 175 Parket bij de Hoge Raad 18 oktober 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 oktober 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE3269.

Nog afgezien van het feit dat dit betoog feitelijke grondslag mist (immers, zoals het Hof in o. 2.13 heeft vastgesteld behield de kwijtschelder, Fokker Administration B.V., een concurrente vordering van ƒ 1 miljard, zodat zij er alle belang bij had om een andere crediteur, die zich als boedelschuldeiser presenteerde, buiten de deur te houden) is het motief om andere crediteuren buiten de deur te houden voor de heffing van vennootschapsbelasting irrelevant, zodat het niet kan leiden tot strijd met doel en strekking van de belastingwetgeving. Evenmin geldt dit voor het motief om belastingheffing te voorkomen, nu de wetgever juist heeft willen voorkomen dat kwijtschelding zou leiden tot belastingheffing.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3c0ca2e6ee8d383ecf47c74d709da96ad7e3a8a764e0300d89dd119dfa89e884. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3c0ca2e6ee8d383ecf47c74d709da96ad7e3a8a764e0300d89dd119dfa89e884, en de alinea staat in dat document op bytes 74181 tot 74906.