Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 oktober 2002

Alinea 197 Parket bij de Hoge Raad 18 oktober 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 oktober 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE3269.

10.1.6 Ervan uitgaande dat - zoals mr. Mees betoogt - de Curatoren niet bevoegd waren om hem te machtigen namens de belanghebbende cassatieberoep in te stellen, doch wel om hem te machtigen cassatieberoep namens henzelf in te stellen, betekent dat mijns inziens nog niet dat een niet-ontvankelijkheidverklaring dient te volgen. Ingevolge art. 8:70, onderdeel b, AWB wordt niet de insteller van het beroep doch het beroep op ontvankelijkheid getoetst. Naar mijn mening is er - nu slechts één cassatieberoepschrift is ingediend namens beide partijen - sprake van één beroep. Wanneer nu dat beroep is ingesteld door tenminste één daartoe bevoegde persoon, is mijns inziens het beroep ontvankelijk.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3c0ca2e6ee8d383ecf47c74d709da96ad7e3a8a764e0300d89dd119dfa89e884. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3c0ca2e6ee8d383ecf47c74d709da96ad7e3a8a764e0300d89dd119dfa89e884, en de alinea staat in dat document op bytes 84356 tot 85069.