Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2002

Alinea 22 Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE3344.

2.4. Buiten twijfel staat dat de wetgever hoger beroep mogelijk heeft willen maken tegen de materiële beslissing als bedoeld in art. 354 Fw. Zou art. 355 Fw zó worden gelezen, dat uitsluitend hoger beroep openstaat tegen het vonnis waarin een definitief oordeel wordt gegeven over de materiële vraag of de schuldenaar in de nakoming van een of meer uit de schuldsaneringsregeling voortvloeiende verplichtingen is tekortgeschoten en, zo ja, of deze tekortkoming aan de schuldenaar kan worden toegerekend, dan zou geen hoger beroep open staan tegen een tussenbeslissing (in casu: tot het instellen van nader onderzoek), noch tegen een beslissing waarin de rechtbank vanwege een bevoegdheids- of ontvankelijkheidsprobleem, of om welke reden dan ook, niet toekomt aan de beantwoording van deze materiële vraag. M.i. is dat niet de bedoeling en heeft art. 355 Fw de strekking dat hoger beroep openstaat tegen iedere beslissing waartoe de rechter in een procedure ingevolge art. 354 Fw wordt geroepen. In deze opvatting is ook hoger beroep mogelijk tegen de tussenvonnissen en tegen de eindvonnissen waarin de rechtbank om enigerlei reden (nog) niet toekomt aan de materiële beslissing als bedoeld in art. 354 Fw. De slotsom is dat art. 360 Fw niet in de weg staat aan dit cassatieberoep(7).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/01752f2b9dfc20becdabe79b13baf9512e09c0521b1d6f3398bf3a44b7e53ed5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 01752f2b9dfc20becdabe79b13baf9512e09c0521b1d6f3398bf3a44b7e53ed5, en de alinea staat in dat document op bytes 12940 tot 14243.