Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2002

Alinea 24 Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE3344.

2.6. In dit geschil is het tot 1 januari 2002 geldende recht toepasselijk. De Hoge Raad heeft al meermalen bepalingen uit de twaalfde titel van het eerste boek (oud) van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering overeenkomstig toegepast in gevallen waarin die bepalingen niet van toepassing waren doch zonder bezwaar konden worden toegepast. Het middel stelt de vraag aan de orde of ook art. 429n lid 3 (oud) Rv, zich leent voor overeenkomstige toepassing in procedures waarop dat artikel strikt genomen niet van toepassing is. Een aantal argumenten vóór en tégen analogische toepassing van art. 429n lid 3 (oud) Rv is uiteengezet in de alinea's 2.9 - 2.12 van de conclusie voor HR 14 juli 2000, NJ 2000, 715 m.nt. PAS, een huurzaak. Ik ben van mening dat een stelsel waarin tussentijds hoger beroep wordt uitgesloten tenzij de rechter anders bepaalt, in het algemeen de voorkeur verdient boven een stelsel waarin tussentijds hoger beroep mogelijk is tenzij de rechter anders bepaalt. De vraag is evenwel, of het de wetgever dan wel de rechter moet zijn die uitmaakt welk van beide stelsels geldt. In de genoemde huurzaak van 14 juli 2000, rov. 3.5, heeft de Hoge Raad voor dat geval geen aanleiding gezien tot overeenkomstige toepassing van het bepaalde in art. 429n lid 3 (oud) Rv.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/01752f2b9dfc20becdabe79b13baf9512e09c0521b1d6f3398bf3a44b7e53ed5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 01752f2b9dfc20becdabe79b13baf9512e09c0521b1d6f3398bf3a44b7e53ed5, en de alinea staat in dat document op bytes 15909 tot 17210.