Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 september 2002
Alinea 40 Parket bij de Hoge Raad 13 september 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 september 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE3345.
"(...) De grief faalt echter omdat de rechtbank het verzoek in zoverre terecht heeft afgewezen. Het op voorhand maximeren van de kosten van het voorlopig deskundigenbericht zou immers kunnen leiden tot de ongewenste situatie dat geen bereidwillige deskundige kan worden gevonden. Overigens hadden in dit specifieke geval (een deel van) de bezwaren van appellant ondervangen kunnen worden door gebruik te maken van de door de rechtbank geboden gelegenheid bezwaar te maken tegen de begroting van de aangezochte deskundige (r.o. 5.4 van de bestreden beschikking) in welk kader onder meer gewezen had kunnen worden op de omstandigheid dat de begroting van de aangezochte deskundige (r.o. 5.4 van de bestreden beschikking), in welk kader onder meer gewezen had kunnen worden op de omstandigheid dat de begroting in zoverre op een onjuist uitgangspunt is gebaseerd dat de te onderzoeken periode - naar bij de behandeling in appèl is gebleken - niet loopt tot en met juli 2001, maar slechts tot en met 4 november 1999."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ea645cb6c895ae3e08c106f054261c42e8e286e8d3752c84f27f71fee49d71d6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ea645cb6c895ae3e08c106f054261c42e8e286e8d3752c84f27f71fee49d71d6, en de alinea staat in dat document op bytes 18852 tot 19880.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ea645cb6c895ae3e08c106f054261c42e8e286e8d3752c84f27f71fee49d71d6 | shasum -a 256