Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 september 2002
Alinea 41 Parket bij de Hoge Raad 13 september 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 september 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE3345.
2.14 De klacht valt uiteen in drie onderdelen. Volgens het eerste onderdeel heeft het hof blijk gegeven van een onjuiste rechtsopvatting voor zover het hof (impliciet) van oordeel is dat voor een maximering op voorhand van de kosten van de deskundige in een voorlopig deskundigenonderzoek geen ruimte bestaat, zodat het hof het verzoek van [verzoeker] niet zonder meer van de hand had mogen wijzen. In het tweede onderdeel betoogt de klacht dat voor zover het hof wel van oordeel mocht zijn geweest dat er een mogelijkheid bestaat om de kosten op voorhand te maximeren maar in onderhavige zaak gaan aanleiding bestaat tot maximering over te gaan, dit oordeel onvoldoende is gemotiveerd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ea645cb6c895ae3e08c106f054261c42e8e286e8d3752c84f27f71fee49d71d6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ea645cb6c895ae3e08c106f054261c42e8e286e8d3752c84f27f71fee49d71d6, en de alinea staat in dat document op bytes 19919 tot 20619.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ea645cb6c895ae3e08c106f054261c42e8e286e8d3752c84f27f71fee49d71d6 | shasum -a 256