Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 september 2002

Alinea 36 Parket bij de Hoge Raad 20 september 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 september 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE3347.

13. In het midden kan blijven welke gevolgen moeten worden verbonden aan de omstandigheid dat de man heeft betwist dat de vrouw een pleitnota heeft overgelegd en dat uit het proces-verbaal noch uit 's Hofs beschikking blijkt van overlegging van een pleitnota door de vrouw. In de door het middel genoemde passages van het verweerschrift tevens houdende incidenteel appèl is de door het middel bedoelde essentile stelling immers ook verwoord terwijl uit het proces-verbaal van de zitting blijkt dat de vrouw deze stelling ter zitting nader heeft toegelicht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/16a74eb9cfe0fc3bf9099ca2c76fae073972c97b49f9e0e506e9951d60b7e8fd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 16a74eb9cfe0fc3bf9099ca2c76fae073972c97b49f9e0e506e9951d60b7e8fd, en de alinea staat in dat document op bytes 22706 tot 23276.