Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 december 2002
Alinea 62 Parket bij de Hoge Raad 20 december 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 december 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE3350.
Men kan de regel van art. 3:49 Awb beschouwen als een uitwerking van het vereiste van een draagkrachtige en kenbare motivering (vgl. de art. 3:46 en 3:47 lid 1 Awb, die zonder enige twijfel eveneens tot de codificerende bepalingen van de Awb behoren(26)). De regel geeft aan wanneer en onder welke voorwaarden een overigens vereiste motivering door een verwijzing naar een advies kan worden vervangen. Dat een verwijzing naar een advies (of een ambtsbericht) niet aan de voorwaarden van de regel voldoet, brengt op zichzelf geen onrechtmatigheid van het besluit met zich. Een onregelmatige verwijzing naar een advies (of ambtsbericht) leidt slechts dan tot onrechtmatigheid van het besluit, als het besluit daardoor niet langer aan het vereiste van een draagkrachtige en kenbare motivering voldoet. Belangrijker dan de vraag of de door de VNA verstrekte inlichtingen als advies in de zin van art. 3:49 Awb kunnen worden aangemerkt, lijkt mij dan ook de vraag of de Gouverneur de feitelijkheden waarover de VNA heeft bericht, ter motivering van zijn besluit diende te vermelden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/53338adbec7d4ee666f5b67bf4ead84ede4ce8ed8918c05153034c9b8242e5ab. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 53338adbec7d4ee666f5b67bf4ead84ede4ce8ed8918c05153034c9b8242e5ab, en de alinea staat in dat document op bytes 28055 tot 29145.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/53338adbec7d4ee666f5b67bf4ead84ede4ce8ed8918c05153034c9b8242e5ab | shasum -a 256