Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 december 2002
Alinea 74 Parket bij de Hoge Raad 20 december 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 december 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE3350.
Beide bepalingen zijn ook zo geformuleerd, dat het aan de betrokken partij wordt overgelaten of zij voor een algehele weigering of voor een beperkte kennisneming opteert. Naar luid van art. 8:29 lid 1 Awb kunnen partijen die verplicht zijn inlichtingen te geven dan wel stukken over te leggen, indien daarvoor gewichtige redenen zijn, het geven van inlichtingen dan wel het overleggen van stukken weigeren of de rechtbank mededelen dat uitsluitend zij zal mogen kennisnemen van de inlichtingen onderscheidenlijk de stukken. Art. 24 lid 1 LAR omvat een vergelijkbare voorziening, zij het dat deze slechts voor het bestuursorgaan geldt. Beide bepalingen bevatten geen aanwijzing dat de rechter een algehele weigering niet gerechtvaardigd kan oordelen, op de grond dat er weliswaar gewichtige redenen zijn, maar deze niet meer dan een beperkte kennisneming rechtvaardigen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/53338adbec7d4ee666f5b67bf4ead84ede4ce8ed8918c05153034c9b8242e5ab. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 53338adbec7d4ee666f5b67bf4ead84ede4ce8ed8918c05153034c9b8242e5ab, en de alinea staat in dat document op bytes 37336 tot 38218.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/53338adbec7d4ee666f5b67bf4ead84ede4ce8ed8918c05153034c9b8242e5ab | shasum -a 256