Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 september 2002

Alinea 23 Parket bij de Hoge Raad 20 september 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 september 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE3363.

4) Het GEA wees de vorderingen van CB af. Het hof heeft die beslissing bevestigd. Het heeft daartoe overwogen dat op de eigenaar van een onroerende zaak, die is verrijkt als gevolg van door de huurder aangebrachte toevoegingen, in beginsel niet de verplichting rust om tot het bedrag van zijn verrijking de schade van de huurder te vergoeden. Dit vloeit (aldus nog steeds het hof) voort uit art. 1584 BW NA (overeenkomend met art. 7A:1603 van het Nederlandse BW), dat de huurder de bevoegdheid geeft om toevoegingen bij (althans: tot) de ontruiming van het gehuurde weg te nemen(5).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c2bcc20aa0cbda36fa32ca22367f947108fad00ec30d68a3694e44359583a117. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c2bcc20aa0cbda36fa32ca22367f947108fad00ec30d68a3694e44359583a117, en de alinea staat in dat document op bytes 7757 tot 8353.