Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 september 2002

Alinea 30 Parket bij de Hoge Raad 10 september 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 september 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE3365.

6. Deze klacht faalt. Uit het gehele verloop van de gebeurtenissen zoals dat in de bewijsmiddelen is vastgesteld, heeft het Hof kunnen afleiden dat de betreffende handelingen wel degelijk een seksueel karakter hadden. Ik noem naast de evident seksuele handelingen die aan het insmeren voorafgingen en daarop volgden, de omstandigheid dat duidelijk is dat het insmeren door verdachte tegen de wil van het slachtoffer was en dat verdachte, als hij vond dat dergelijke handelingen uit hygiënisch oogpunt e.d. nodig waren, de ouders van [het slachtoffer] daarover had moeten informeren in plaats van zelf te handelen. Uit het feit dat verdachte in die omstandigheden niettemin de penis van het slachtoffer heeft ingesmeerd kon het Hof afleiden dat de werkelijke intentie van verdachte daarbij een seksuele was.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8014346c2720bc3b945b11060300bebcfdbcfcd0885483789497ea7f6a51da0c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8014346c2720bc3b945b11060300bebcfdbcfcd0885483789497ea7f6a51da0c, en de alinea staat in dat document op bytes 8660 tot 9480.