Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 september 2002

Alinea 35 Parket bij de Hoge Raad 20 september 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 september 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE3370.

5. Het GEA heeft bij vonnis van 13 september 1999 [eiser sub 2] en [eiser sub 3] niet-ontvankelijk verklaard in hun vordering, voor recht verklaard dat CCT bescherming ontleent aan art. 10 EVRM, het Land bevolen om binnen drie maanden na betekening van het vonnis het verzoek van CCT d.d. 10 juli 1995 te behandelen en daarop een beslissing te nemen, en het meer of anders gevorderde afgewezen. Daartoe overwoog het GEA, kort weergegeven, als volgt. [Eiser sub 3] en [eiser sub 2] hebben geen belang bij hun vordering omdat zij bij akte van 7 juni 1999 al hun rechten voortvloeiende uit door hen bij de Gouverneur en/of ander orgaan van de Nederlandse Antillen ingediende verzoekschriften hebben overgedragen aan CCT. [eiser sub 3] en [eiser sub 2] zijn dan ook niet ontvankelijk in hun vordering (eerste r.o. 8). Art. 10 EVRM verleent bescherming aan degene die middelen verschaft voor meningsuiting. CCT kan - gelet op haar doelomschrijving - bescherming ontlenen aan art. 10 EVRM zodat de gevorderde verklaring voor recht kan worden verleend. Hieruit vloeit evenwel niet voort dat aan CCT een concessie moet worden verleend (tweede r.o. 8). Art. 10 EVRM belet de nationale overheden niet een vergunningenstelsel te hanteren, waarbij "in geval van een dringende noodzaak" een monopoliepositie kan worden toegekend aan één onderneming (r.o. 9-11). Nu geconcludeerd moet worden dat het Land kennelijk inmiddels zijn beleid ten aanzien van de telecommunicatie en de monopoliepositie van TDS heeft gewijzigd, had het op de weg van het Land gelegen het verzoek van CCT in behandeling te nemen en te beoordelen. Nadat de technische en financiële merites van de aanvraag door het Land zijn beoordeeld, kan nog aan de orde kan komen of er een "pressing need" is om de vergunning te weigeren (r.o. 12/13). Aan de brief van 16 november 1988 kan CCT geen rechten ontlenen omdat de brief niet tot haar is gericht. Bovendien volgt uit de bedoelde brief niet dat het Land de vergunning moet verlenen aangezien in deze brief wordt verwezen naar het feit dat de financiële en technische gegevens door de Landsradio dienen te worden goedgekeurd als haalbaar project (r.o. 15). De vordering tegen TDS dient als onvoldoende onderbouwd te worden afgewezen (r.o. 17).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fa27c2fc09b2b7a9ddaba527a26b4e007f011e88cd36abaa3631b4dc1d574bbd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fa27c2fc09b2b7a9ddaba527a26b4e007f011e88cd36abaa3631b4dc1d574bbd, en de alinea staat in dat document op bytes 11499 tot 13765.