Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 september 2002
Alinea 55 Parket bij de Hoge Raad 20 september 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 september 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE3370.
20. Onderdeel 3c betoogt dat het voor het antwoord op de vraag of de toezegging van 16 november 1988 als grondslag kan dienen voor de door CCT c.s. verlangde toewijzende beslissing bepalend is of het Land - hetzij op grond van de gedane toezegging zelf, hetzij op grond van het ongeschreven recht - verplicht is de toezegging na te komen en jegens CCT c.s. een (toewijzende) beslissing te nemen, zonder dat van belang is of uit de toezegging voor [eiser sub 3] en [betrokkene 1] een met die verplichting corresponderend vorderingsrecht voortvloeit. In ieder geval heeft het Hof miskend, aldus het onderdeel, dat sprake is van een rechtsplicht die moet worden nagekomen, althans dat het Hof slechts diende te beoordelen of [eiser sub 3] en [betrokkene 1] er gerechtvaardigd op mochten vertrouwen dat het Land de toezegging van 16 november 1988 zou nakomen, dan wel of het Land om een of andere reden verplicht was die toezegging na te komen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fa27c2fc09b2b7a9ddaba527a26b4e007f011e88cd36abaa3631b4dc1d574bbd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fa27c2fc09b2b7a9ddaba527a26b4e007f011e88cd36abaa3631b4dc1d574bbd, en de alinea staat in dat document op bytes 28317 tot 29270.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fa27c2fc09b2b7a9ddaba527a26b4e007f011e88cd36abaa3631b4dc1d574bbd | shasum -a 256