Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 september 2002

Alinea 56 Parket bij de Hoge Raad 20 september 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 september 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE3370.

21. De strekking van de klachten van dit onderdeel is mij niet geheel duidelijk geworden. De klachten zullen in ieder geval moeten falen omdat zij ten onrechte ervan uitgaan dat het Land een bindende toezegging heeft gedaan. Het Hof heeft - tevergeefs in cassatie bestreden - geoordeeld dat zulks niet het geval is. Voor zover het onderdeel nog de afzonderlijke klacht bevat dat [eiser sub 3] en [betrokkene 1] gerechtvaardigd erop mochten vertrouwen dat het Land zijn (niet bindende) toezegging zou nakomen, faalt deze omdat niet wordt toegelicht waarop dit gerechtvaardigd vertrouwen berust.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fa27c2fc09b2b7a9ddaba527a26b4e007f011e88cd36abaa3631b4dc1d574bbd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fa27c2fc09b2b7a9ddaba527a26b4e007f011e88cd36abaa3631b4dc1d574bbd, en de alinea staat in dat document op bytes 29290 tot 29896.