Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 september 2002
Alinea 33 Parket bij de Hoge Raad 20 september 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 september 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE3381.
1.4. Aan deze vorderingen heeft de curator allereerst ten grondslag gelegd dat geen rechtsgeldige verpanding heeft plaatsgevonden omdat aan de pandakte geen geldige titel ten grondslag ligt: er was op 8 april 1993 geen kredietovereenkomst die Group verplichtte tot verpanding van de software. Omdat de pandakte onverplicht is ondertekend en ING Bank moet hebben begrepen dat de verpanding benadeling van de schuldeisers van Group zou meebrengen, acht de curator de pandakte tevens nietig ingevolge art. 42 Fw. Volgens de curator is de stille verpanding van de roerende zaken bovendien niet rechtsgeldig geschied omdat zij niet bij authentieke of geregistreerde akte heeft plaatsgevonden (art. 3:237 lid 1 BW). M.b.t. de software is niet voldaan aan het vereiste dat het onderpand voldoende in de pandakte wordt bepaald. Indien de akte niettemin wordt beschouwd als een geldige verpanding van de in 1993 bestaande software, dan geldt zij in elk geval niet ten aanzien van de in 1995 bestaande software, aldus de curator.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1798940e6968d634a424fd88ff10afa548286c6650d1c567f3380f54522f94d0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1798940e6968d634a424fd88ff10afa548286c6650d1c567f3380f54522f94d0, en de alinea staat in dat document op bytes 10353 tot 11385.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/1798940e6968d634a424fd88ff10afa548286c6650d1c567f3380f54522f94d0 | shasum -a 256