Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 september 2002
Alinea 78 Parket bij de Hoge Raad 20 september 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 september 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE3381.
3.4. Het probleem is eerder gesignaleerd in de vakliteratuur. Thole meent dat het verstandig is in de akte van verpanding van auteursrecht op software bepalingen op te nemen omtrent de fysieke gegevensdragers waarop de software is opgeslagen. Zij gaat echter niet in op de vraag of de pandgever gedwongen kan worden een exemplaar van het "werk" aan de pandhouder ter beschikking te stellen(27). Van Esch wijst erop dat, bij openbare verkoop van het verpande auteursrecht op software, de koper een exemplaar van de software zal willen ontvangen: aan een auteursrecht op software zonder de software zelf heeft de koper niet veel. Van Esch meent dat de koper uit hoofde van het verkregen auteursrecht de afgifte van een exemplaar van het beschermde "werk" kan vorderen van de pandgever. Om praktische redenen adviseert hij pandhouders om hetzij zich bij verpanding een kopie van het werk (met de benodigde broncodes, documentatie etc.) door de pandgever ter beschikking te laten stellen, hetzij mede een pandrecht op de fysieke gegevensdragers te vestigen(28). Spoor noemt "verdedigbaar" dat de auteursrechthebbende kan eisen dat hij in staat wordt gesteld een kopie van het werk te maken(29).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1798940e6968d634a424fd88ff10afa548286c6650d1c567f3380f54522f94d0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1798940e6968d634a424fd88ff10afa548286c6650d1c567f3380f54522f94d0, en de alinea staat in dat document op bytes 46298 tot 47501.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/1798940e6968d634a424fd88ff10afa548286c6650d1c567f3380f54522f94d0 | shasum -a 256