Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 september 2002
Alinea 21 Parket bij de Hoge Raad 13 september 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 september 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE3383.
2) Bij exploot van 2 mei 1996 heeft de Staat [verweerster] gedagvaard voor de Arrondissementsrechtbank te Groningen. Zij heeft gevorderd [verweerster] te veroordelen tot betaling van ƒ 325.600,87 te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 8 maart 1996 tot aan de dag van betaling. Zij heeft daaraan ten grondslag gelegd dat [verweerster] ongerechtvaardigd is verrijkt ten koste van de Staat. Door het onderzoek en de sanering - waarvan de kosten ten laste zijn gekomen van het Rijk, de provincie en/of de gemeente - die hebben plaatsgevonden nadat [verweerster] de economische eigendom van het terrein had verkregen, is er namelijk een waardestijging van de onroerende zaak opgetreden. Krachtens art. 6:212 BW is [verweerster] verplicht om de door de Staat aldus geleden schade te vergoeden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/100beb7446bb304675c13c929f1cc4c929eca722894565963120cdb5cbc15d0d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 100beb7446bb304675c13c929f1cc4c929eca722894565963120cdb5cbc15d0d, en de alinea staat in dat document op bytes 7571 tot 8379.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/100beb7446bb304675c13c929f1cc4c929eca722894565963120cdb5cbc15d0d | shasum -a 256