Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 september 2002

Alinea 37 Parket bij de Hoge Raad 13 september 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 september 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE3383.

a) Krachtens art. 75 lid 3 Wbb kan de Staat ten laste van het Rijk, een provincie of een gemeente komende kosten van onderzoek en sanering overeenkomstig de regels betreffende ongerechtvaardigde verrijking verhalen op degene die door dat onderzoek of die sanering ongerechtvaardigd wordt verrijkt. In de parlementaire geschiedenis bij dit artikel wordt er uitdrukkelijk op gewezen dat dit artikel, anders dan zijn voorganger art. 21 IBS, ook ziet op anderen dan op hen die de onroerende zaak als (juridisch) eigenaar hebben verkregen of daarvan gebruiker of beperkt gerechtigde zijn. Verhaal is mogelijk op een ieder die ongerechtvaardigd wordt verrijkt. Als voorbeeld wordt gegeven dat de Staat ook een vordering moet kunnen instellen tegen een projectontwikkelaar die nooit eigenaar van de grond is geweest (Memorie van toelichting, TK 1989-1990, 21556, nr. 3, p. 58). Art. 75 Wbb ziet niet uitsluitend op gevallen van verkrijging door een juridische eigenaar. Op verkrijging van een belang dat is verbonden aan een onroerende zaak kan dit artikel eveneens van toepassing zijn (Notitie ongerechtvaardigde verrijking in verband met bodemsanering, TK 1993-1994, 22727, nr. 11, p. 6-9).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/100beb7446bb304675c13c929f1cc4c929eca722894565963120cdb5cbc15d0d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 100beb7446bb304675c13c929f1cc4c929eca722894565963120cdb5cbc15d0d, en de alinea staat in dat document op bytes 20084 tot 21282.