Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 september 2002

Alinea 44 Parket bij de Hoge Raad 27 september 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 september 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE3389.

15. Het tweede middelonderdeel komt op tegen 's Hofs oordeel dat de door de Vereniging geclaimde voorrang evenmin voortvloeit uit de door haar vermelde bepalingen uit de Leidraad Invordering 1990 nu deze bepalingen het oog hebben op een andere situatie en zich niet lenen voor toepassing op de situatie waarin de Vereniging zich bevindt, zoals de Ontvanger terecht heeft aangevoerd. Geklaagd wordt dat het Hof kennelijk het betoog van de Ontvanger onder 41 van zijn memorie van antwoord tot het zijne maakt en dat het Hof aldus miskent dat de Vereniging, anders dan de Ontvanger heeft aangenomen, niet heeft betoogd dat art. 14 van de Leidraad Invordering in het onderhavige geval van toepassing is, doch slechts dat een analogie met dat artikel meebrengt dat de Vereniging in het onderhavige geval voorrang heeft op de Ontvanger, zodat het Hof niet heeft aangegeven, althans onvoldoende gemotiveerd, waarom deze analogie in het onderhavige geval niet opgaat.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ea716bb98be07a77059a6beefdafae0c75725100096af03e4eb2ebca0e0747b6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ea716bb98be07a77059a6beefdafae0c75725100096af03e4eb2ebca0e0747b6, en de alinea staat in dat document op bytes 40509 tot 41481.