Citaat | Parket bij de Hoge Raad 31 mei 2002
Alinea 63 Parket bij de Hoge Raad 31 mei 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 31 mei 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE3433.
3.16 De door het middel gepropageerde opvatting vindt geen steun in het recht.(4) Zij zou ook leiden tot een in het oog springend onredelijk resultaat. Zou aanvankelijk de verwachting gewettigd zijn dat slechts sprake was van geringe letselschade dan zou, aldus redenerend, hooguit een beperkt bedrag aan immateriële schade kunnen worden gevorderd. Zou de aanvankelijke verwachting later, op basis van volledig nieuwe ontwikkelingen, geheel ongefundeerd blijken dan zou geen aanspraak op (aanvullend) smartengeld kunnen worden gemaakt. Zo'n betoog veroordeelt zich zelf.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/df67e0b20c545172cee720aedd7574c8949163225768e5ae1b79200286f1fca4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt df67e0b20c545172cee720aedd7574c8949163225768e5ae1b79200286f1fca4, en de alinea staat in dat document op bytes 17454 tot 18038.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/df67e0b20c545172cee720aedd7574c8949163225768e5ae1b79200286f1fca4 | shasum -a 256