Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 oktober 2002

Alinea 31 Parket bij de Hoge Raad 1 oktober 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 oktober 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE3540.

11. Met haar overweging dat onvoldoende is komen vast te staan dat het inbeslaggenomen geldbedrag toebehoort aan klaagster heeft de rechtbank als haar oordeel tot uitdrukking gebracht dat zich niet het geval voordoet dat buiten redelijke twijfel staat dat verzoekster als eigenaar van het inbeslaggenomen geldbedrag moet worden aangemerkt. Aldus heeft de rechtbank de juiste maatstaf toegepast.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9882be6e01f1cef272d29858f12476d5590049cd73e519ec4fd1e3191b953b41. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9882be6e01f1cef272d29858f12476d5590049cd73e519ec4fd1e3191b953b41, en de alinea staat in dat document op bytes 10543 tot 10950.