Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 september 2002
Alinea 31 Parket bij de Hoge Raad 10 september 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 september 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE3546.
14. Ik meen dat die omstandigheden aldus omschreven moeten worden dat het bewijs zal moeten stoelen op een door een deskundige gegeven waardering van feitelijkheden die zozeer verweven is met bijzondere technische inzichten of vaardigheden dat niet zonder meer kan worden aangenomen dat de rechter de juistheid van die waardering zelfstandig en volledig kan nagaan, terwijl met klem van argumenten is betoogd dat het deskundig oordeel niet kan zijn voortgekomen uit (een verantwoorde toepassing van) de bijzondere deskundigheid waaraan dat oordeel zijn betekenis moet ontlenen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5eec606bf49d5761d83f47d1cd37e4762838e7f322f2002d8bb98ce774826a9c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5eec606bf49d5761d83f47d1cd37e4762838e7f322f2002d8bb98ce774826a9c, en de alinea staat in dat document op bytes 14421 tot 15011.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5eec606bf49d5761d83f47d1cd37e4762838e7f322f2002d8bb98ce774826a9c | shasum -a 256