Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 juni 2002

Alinea 12 Parket bij de Hoge Raad 25 juni 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 juni 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE3572.

Art. II, aanhef en onder D van die Wet bepaalt, voor zover hier van belang, dat aan art. 68 RO een derde lid wordt toegevoegd, dat onder meer inhoudt dat de verdachte beroep in cassatie kan instellen tegen arresten van de gerechtshoven betreffende een of meer overtredingen, tenzij terzake in de einduitspraak geen andere straf of maatregel werd opgelegd dan een geldboete tot een maximum van vijfhonderd gulden. Het overgangsrecht houdt in (art. VI) dat deze wijziging van de Wet RO niet van toepassing is op zaken waarin op het moment van inwerkingtreding ervan reeds een arrest is gewezen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e778c2e71adcff431242e51eeb6a989f79fad4517bd0e8e0632a36bcc13fbe00. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e778c2e71adcff431242e51eeb6a989f79fad4517bd0e8e0632a36bcc13fbe00, en de alinea staat in dat document op bytes 5355 tot 5962.