Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 juli 2002
Alinea 69 Parket bij de Hoge Raad 2 juli 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 juli 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE3728.
"De raadsman heeft gesteld - zakelijk weergegeven - dat niet is voldaan aan het destijds in artikel 125g van het Wetboek van Strafvordering neergelegde criterium dat het vermoeden moet bestaan dat de verdachte aan de af te luisteren gesprekken deelneemt, zodat het bewijsmateriaal, dat is verkregen door het afluisteren van de telefoon van [verdachte] binnen het g.v.o. van [betrokkene 3] onrechtmatig verkregen zijn, hetgeen tot bewijsuitsluiting van de aldus verzamelde gegevens behoort te leiden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/79103d25f2d3680f27c0ac73fb9bb02a9e629172202e8db1d922684525495478. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 79103d25f2d3680f27c0ac73fb9bb02a9e629172202e8db1d922684525495478, en de alinea staat in dat document op bytes 33021 tot 33533.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/79103d25f2d3680f27c0ac73fb9bb02a9e629172202e8db1d922684525495478 | shasum -a 256