Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 oktober 2002
Alinea 13 Parket bij de Hoge Raad 8 oktober 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 oktober 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE4195.
7. Dit doet voor de onderhavige zaak de vraag rijzen of sprake is geweest van een verontschuldigbare termijnoverschrijding. Het enkel niet beschikbaar zijn van de schriftelijke uitspraak kan niet tot het pardonneren van een termijnoverschrijding leiden(4). Met betrekking tot het opgewekte vertrouwen waarop de verdachte zich beroept wil ik het volgende opmerken. Verdachte wist dat op 16 december 1999 in zijn zaak uitspraak zou worden gedaan. Verdachte is evenwel niet bij de uitspraak verschenen. Gedurende de appèltermijn heeft verdachte volgens opgave in de schriftuur twee keer telefonisch contact gehad met de strafgriffie van het kantongerecht, waarbij hem tot twee keer toe is medegedeeld dat er geen schriftelijk vonnis bekend was. Verdachte heeft vervolgens binnen de appèltermijn verder geen actie ondernomen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4e64fe9220fb78051290ac817aff11e27caf2e6bb11f92b45404874dd371923d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4e64fe9220fb78051290ac817aff11e27caf2e6bb11f92b45404874dd371923d, en de alinea staat in dat document op bytes 7485 tot 8322.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4e64fe9220fb78051290ac817aff11e27caf2e6bb11f92b45404874dd371923d | shasum -a 256