Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 oktober 2002
Alinea 32 Parket bij de Hoge Raad 22 oktober 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 oktober 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE4258.
18. Naar mijn inzicht gaat het er in de kern beschouwd om dat de in Verordening (EEG) 2108/84 vervatte regeling meebrengt dat het overeenkomstig die regeling verkregen meetresultaat voor de strafrechter verplichtend bewijsmateriaal vormt, terwijl er van gezaghebbende zijde op is gewezen dat dit op de voorgeschreven wijze verkregen materiaal niet betrouwbaar is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d2590347435dac5abaabce339b82d3dfae2a98a157fdbc055e0c28a2bdf98d61. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d2590347435dac5abaabce339b82d3dfae2a98a157fdbc055e0c28a2bdf98d61, en de alinea staat in dat document op bytes 16527 tot 16903.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d2590347435dac5abaabce339b82d3dfae2a98a157fdbc055e0c28a2bdf98d61 | shasum -a 256