Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 oktober 2002

Alinea 36 Parket bij de Hoge Raad 4 oktober 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 oktober 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE4359.

"Niet duidelijk is geworden of en zo ja welke gedeeltes van de goederen incompleet en/of met verstoorde maat- en kleurcollectie zijn afgeleverd en dientengevolge onverkoopbaar waren. Indien de onverkoopbaarheid toe te schrijven is aan deze hiervoor genoemde oorzaken, is er naar het oordeel van het hof sprake van materiële schade. Indien de onverkoopbaarheid van de goederen mede het gevolg is van het verloop van de tijd, is de door de ladingbelanghebbenden geleden schade niettemin niet aan te merken als schade geleden ten gevolge van vertraging in de aflevering in de zin van art 17 lid 1 CMR, nu die schade en het verloop van de tijd direct is terug te voeren op de diefstal en niet op een meer tijd vergend vervoer als bedoeld in art 19 CMR. Het is op die gronden dat het hof oordeelt dat geen sprake is van vertragingsschade en dat mitsdien de vordering niet ingevolge art 30 lid 3 CMR vervallen is. De grieven I en II slagen derhalve."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c81cbd97feb43c6a183462f67f766aad46010fe4a9da4e007198cad6825dc41f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c81cbd97feb43c6a183462f67f766aad46010fe4a9da4e007198cad6825dc41f, en de alinea staat in dat document op bytes 13648 tot 14606.