Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 oktober 2002

Alinea 40 Parket bij de Hoge Raad 4 oktober 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 oktober 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE4359.

Volgens het Hof is niet duidelijk of AIG gesubrogeerd is in de rechten van HT International - de afzender onder vrachtbrief nr. 32268 - en ook niet of HT International handelde hetzij namens de verzekerde Rucanor BV, hetzij namens de geadresseerde onder beide vrachtbrieven, Rucanor Belgium. Weliswaar vermeldt de door AIG overgelegde "Sluitnota als polis te beschouwen" als verzekeringsnemer: "B.V. Rucanor en/of gelieerde en/of geassocieerde ondernemingen in Nederland en daarbuiten, onverschillig op welk tijdstip de binding respectievelijk het samenwerkingsverband tot stand is gekomen", maar hierdoor is nog niet met voldoende zekerheid komen vast te staan dat Rucanor Belgium verzekerde was onder de polis van AIG, aldus het Hof. Op AIG rust volgens het Hof de bewijslast van feiten en omstandigheden waaruit voortvloeit (a) dat HT International als afzender handelde namens Rucanor BV en/of (b) dat Rucanor Belgium eveneens als verzekerde onder de polis van AIG heeft te gelden. Alvorens verder te beslissen verwees het Hof de zaak naar de rol om AIG in de gelegenheid te stellen zich uit te laten over de wijze waarop zij denkt aan de bewijsopdracht te kunnen voldoen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c81cbd97feb43c6a183462f67f766aad46010fe4a9da4e007198cad6825dc41f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c81cbd97feb43c6a183462f67f766aad46010fe4a9da4e007198cad6825dc41f, en de alinea staat in dat document op bytes 15859 tot 17048.